Interview met Jonneke

We sluiten onze maand van de verpleging af met Jonneke, verloskundige in het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis te Nijmegen. We spraken met Jonneke over haar werk en in het bijzonder over haar samenwerking met de verpleegkundigen.

Hoelang werk je al als verloskundige en hoelang werk je al in het CWZ op de afdeling Verloskunde?

Jonneke: ‘Ik ben in 1997 afgestudeerd en toen meteen gaan werken. Sinds 2002 werk ik als verloskundige in het CWZ.’

Hoe ziet een dag op de afdeling Verloskunde er voor jou uit en welke taken heb je daarbij?

Jonneke: ‘Dat verschilt van de soort dienst; als ik spreekuur heb begin ik de eerste twee uren van mijn dienst met het lopen van visites bij de kraamvrouwen en daarna begint het spreekuur op de polikliniek. Heb ik echter dienst op de verloskamers dan houd ik me bezig met de bevallingen, het ontslag van de patiënt maar ben ik ook verantwoordelijk voor de spoedconsulten.’

Hoeveel patiënten verzorg je gemiddeld per dienst?

Jonneke: ‘Poeh, dat is lastig in te schatten. Verloskunde is in feite een spoedafdeling en hier vinden op jaarbasis zo’n 1500 a 1600 bevallingen plaats. Soms is er niemand aan het bevallen, maar je hebt er wel eens diensten bij met vier, vijf bevallingen. En dan heb je een pittige dienst! Dit is wat ik zo leuk vind aan mijn werk; dat hollen of stilstaan, het onvoorspelbare; ik houd ervan’

Hoeveel zorgverleners (en welke) zijn er gemiddeld per dienst aan het werk?

Jonneke: ‘Het aantal aanwezige zorgverleners verschilt per dienst. Overdag zijn er uiteraard meer aanwezig omdat dan bijvoorbeeld de polikliniek geopend is waar vele spreekuren per dag plaatsvinden. Ook wordt er overdag visite gelopen bij patiënten maar ook moeten patiënten geholpen worden bij de normale dagelijkse verzorging; denk hierbij aan het douchen van de kraamvrouw, badderen van de baby maar ook het poetsen van de kamers, verschonen van de bedden etc. Dit alles maakt dat de personele bezetting verschilt per dienst. De verschillende zorgverleners lopen uiteen van verloskundigen, verpleegkundigen, gynaecologen, arts-assistenten, kinderartsen, room service medewerksters, secretaresses, maar ook psychiatrisch verpleegkundigen en anesthesisten.’

Als de patiënt op de bel drukt, wie verschijnt er dan aan haar bed en hoe gaat dit verder qua zorg?

Jonneke: ‘Alle verpleegkundigen dragen een pieper waar de bel van de patiënt op binnen komt, dus zij zijn het eerst aan het bed. Sommige patiënten vragen alleen om een glaasje water. Is er wat anders aan de hand dan zal naar gelang de situatie een dienstdoende verloskundige of arts(-assistent) erbij worden gehaald.’

Hoe ziet de samenwerking eruit tussen de verloskundige/arts-assistent en verpleegkundige bij een telefoontje van de patiënt?

Jonneke: ‘Er is 1 verpleegkundige per dienst die de spoedtelefoon bij zich draagt. Zij zal de patiënt dus als eerste spreken, een inschatting maken en daarna de arts of de verloskundige consulteren. In overleg wordt dan beslist wat de actie zal zijn.’

Voor welke consulten komen patiënten zoals en wat is hierin de rol van de verpleegkundige? Wat is hierin de rol van de verloskundige?

Jonneke: ‘Patiënten kunnen met een breed scala aan vragen of klachten komen voor een consult. Het varieert van overmatig braken, bloedverlies, geen leven voelen tot hoge bloeddruk. En natuurlijk alles wat met bevallen te maken heeft. De verpleegkundige is degene die de patiënt ontvangt en naar de kamer begeleidt wanneer zij zich bij ons meldt. Wanneer bijvoorbeeld een moeder geen leven voelt, zal de verpleegkundige het CTG aanleggen. De verloskundige zal vervolgens het CTG beoordelen en een echo maken.’

Hoe ziet de samenwerking eruit tussen de verloskundige/arts-assistent en verpleegkundige tijdens een vaginale bevalling? Wie heeft welke rol/taken?

Jonneke: ‘Normaliter wordt de bevalling gedaan door de verloskundige en deze wordt daarin bijgestaan door de verpleegkundige. Als er een complicatie is zal de verloskundige er een arts bij halen. De hoogrisico patiënten worden vanaf het begin al door de arts begeleid. De verpleegkundige assisteert en neemt daarna de zorg voor moeder en kind op zich.’

Hoe ziet de samenwerking eruit tussen de verloskundige/arts-assistent en verpleegkundige tijdens een keizersnede? Wie heeft welke rol/taken?

Jonneke: ‘Als verloskundige ben ik in principe nooit aanwezig bij een keizersnede. Heel soms ga ik mee, maar dat is dan voor de partner. Normaal gesproken is het een samenwerking tussen de gynaecoloog en twee verpleegkundigen, waarvan een van hen de partner tijdens de keizersnede bijstaat. De kinderarts is ook altijd op de operatiekamer aanwezig voor de opvang van de baby.’

Hoe ziet de samenwerking eruit tussen de verloskundige/arts-assistent en verpleegkundige tijdens een spoedsituatie?

Jonneke: ‘Op spoedsituaties wordt maandelijks geoefend middels de zogenaamde “skills & drills training”. Deze trainingen worden gefilmd zodat we later terug kunnen zien wat er goed ging en waar verbetering of verandering nodig is. In acute situaties is samenwerking van groot belang. Je hebt geen tijd om na te denken hoe of wat, je moet dan gewoon handelen. Ieder heeft zo zijn/haar taak.  We beschikken over een noodbel. Op het moment dat er nood is druk je hierop en komt iedereen die aan het werk is aanrennen waardoor je dan meteen extra hulp hebt. Echter, het gebeurt ook wel vaker dat een kind, dat op bezoek is bij een patiënt, per ongeluk op de noodbel drukt. Dan rennen we allemaal maar blijkt er gelukkig niks mis te zijn. Hebben we wel weer onze beweging gehad (lachend).’

Welke dingen mag een verpleegkundige op eigen initiatief doen of heeft zij overal toestemming voor nodig van de dienstdoende verloskundige of arts-assistent? Wie is verantwoordelijk voor welke zorg?

Jonneke: ‘Alles is protocollair vastgelegd, zodat iedereen weet wat hij/zij moet of mag doen. De eindverantwoording ligt uiteindelijk bij de gynaecoloog. Een zekere hiërarchie is noodzakelijk in een ziekenhuis. Top down is dat dus: de gynaecoloog, arts assistent, verloskundige en verpleegkundigen. Een verpleegkundige heeft voor vele handelingen een opdracht nodig. Zonder opdracht, of medicatievoorschrift mogen dingen niet uitgevoerd worden. Een noodsituatie is wel de uitzondering op de regel; dan handelen we eerst en komt het papierwerk later.’

Heb je een leuke situatie of anekdote die je met ons wil delen met betrekking tot de samenwerking met de verpleegkundige?

Jonneke: ‘We hebben een team waarin we ontzettend veel lachen, het is vaak erg gezellig om te werken. Ik heb niet echt een anekdote maar ik vind het een enorme eer dat ik door verpleegkundigen of collega’s van de afdeling gevraagd wordt hun bevalling te begeleiden, dat vind ik toch een mooi compliment, dat zij dat speciale moment in hun leven aan jou toevertrouwen. Het is heel bijzonder om daar bij aanwezig te mogen zijn.’

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.